Author: nynke

  • Ruimte…

    Een oproep van Make a Memory

    Een baby van 42 weken, vlak na de geboorte overleden.
    Ik kijk in het systeem waar ik moet zijn.
    Het is heerlijk weer en ik fiets naar het WKZ (Wilhelmina KinderZiekenhuis).

    Daar aangekomen heb ik net ‘pech’ dat de begrafenisondernemer er is. Ik moet
    even wachten. Prima. Ik neem plaats in een kleine wachtruimte en zweet even uit.

    Na een half uur komt de verpleegkundige vragen of ik ermee akkoord ga dat ze de
    baby NU meeneemt naar de röntgen. Ze geeft aan dat ik ook bij de familie thuis kan
    fotograferen. Ze wonen in de buurt van Utrecht. Ik zeg dat ik wel in de wachtkamer wacht.Praktisch gezien kost me dat meer tijd omdat ik dan daar naartoe moet fietsen en weer terug. Nu ben ik hier toch al.
    Eigenlijk is ‘niets’ meer belangrijk als ik denk aan het verlies van deze ouders. Ik bedoel, een half uur langer wachten valt in het niet bij hun verdriet. Ik blader wat door de tijdschriften die er liggen.

    Weer een half uur later haalt de verpleegkundige mij op en loop ik mee naar de kamer.
    Twee vrouwen met een hoofddoek komen net uit de kamer en zeggen gedag. De begrafenisondernemer is klaar zegt de verpleegkundige.

    Ik kom de kamer in en condoleer de ouders. Een Nederlandse vrouw en een Marokkaanse man.
    Bijzonder dat ze ruimte hebben hiervoor. Ik kom meestal alleen bij ’Nederlandse’ echtparen.
    Ik vraag of ze misschien iets hebben bedacht (sommige ouders kijken op de website van Make
    a Memory en doen daar ideeën op).
    Ze hebben geen idee geven ze aan.
    Ook logisch aangezien er zoveel op je afkomt.
    De man zegt: Mijn vrouw wil dit graag.
    Ik vraag of ze met z’n 3-en op de foto willen?
    Nee, toch alleen de baby? roepen ze allebei.
    Oké zeg ik.

    Ik fotografeer het mooie mannetje en dan ontstaat er iets. Ruimte. Ruimte voor ideeën, ruimte om
    toch op de foto te gaan. Ze kussen hun mooie mannetje. Zij wil hem opeens toch graag vasthouden.
    Nu kan het nog zegt ze en ze huilt. Hij komt erbij staan en samen kijken ze naar hun lieve mannetje.
    Ik vraag of er iets is dat ze herkennen van henzelf of vanuit de familie. Ja, zeggen ze, hij heeft precies dezelfde neus als zijn grote broer. Met de macrolens maak ik een foto van zijn lieve dopneusje.

    Blij loop ik naar buiten. De ruimte die zij toelieten werd groter en groter. Ik vind dat waardevol. Zij hebben straks een blijvende herinnering aan hun zoon en kunnen terugkijken naar hoe ze hem in en met liefde hebben laten gaan.

  • Drie keer terug

    Laatst ben ik voor het eerst in mijn leven een fotorolletje verloren. Een fotorolletje met foto’s van een meneer uit het hospice. Ben wel drie keer de route heen en weer gefietst. Niet meer kunnen vinden. Buikpijn en een vervelend, schuldig gevoel. Uit mijn tas gerold?!? Geen idee. Wist ik maar waar, wanneer en hoe! Direct een melding gemaakt op verloren voorwerpen van de gemeente Utrecht en gekeken op gevonden voorwerpen. Wat daar allemaal staat aangegeven als verloren: sleutels, kinderpoppenkastpop, i-phones, rugzakken, huwelijksboekje van de gemeente Amsterdam, een nintendo spelcomputer, etc etc. Helaas geen fotorolletje. Het stelde me gerust dat iemand, zodra het zou worden gevonden, vast het rolletje zou openmaken waardoor er licht bij zou komen en de foto’s weg zouden zijn. En gelukkig is wat ik maak respectvol.
    Ik was al twee keer bij deze meneer geweest. De eerste keer had ik teveel afstand. Mijn eigen proces? De tweede keer was prachtig, erop en dichtbij, alleen geen rolletje meer, nu moest ik zeggen dat ik het rolletje had verloren. Met bibberende benen ging ik naar hem terug. Ik zei dat ik voor het eerst in mijn leven een rolletje had verloren. Dat het me speet. Pffff. Of ik……
    Hij: Je wil een nieuwe foto maken? Ga je gang, is goed mevrouw. Is goed.
    Ik was echt heel blij. Zo ziek als hij was, gaf hij mij ruimte om weer foto’s te mogen maken. Echt zo prachtig. Zo kippenvelmakend blij was ik. Zo’n mooie meneer. Misschien ook een fijne afleiding? Ik hoop het.

    Een keer eerder heb ik een vrouw in het hospice drie keer op portret gezet. Ik denk dat het wel vier jaar geleden is, misschien zelfs langer.
    De eerste keer was ze net in het hospice. Ze zat rechtop in bed, strenge bril op, strenge blik, handen op elkaar en ze keek naar buiten. Ze had net haar man begraven en lag nu zelf in het hospice. Opeens bleek ook zij ongeneeslijk ziek. Doorgegaan met (over)leven om haar man te helpen, bij te staan? Eigen pijn en gevoel genegeerd?
    De tweede keer was beter, ze was er al wat langer en was letterlijk meer gezonken in haar bed en in haar kussens. Ze was zachter, alerter, had meer interesse, ze was ER. Dit rolletje bleek, toen ik het terug kreeg, met een hele vreemde zweem gescand. Blauwig. Ik moest en wilde graag terug. Een derde keer, en ook deze mevrouw had ruimte, ze was echt prachtig. Ze lag op haar zij met wat leek een volledige acceptatie, het was te voelen, te zien in haar houding, te zien op de foto, in haar ogen te herkennen. RUST. Om er te zijn? Om te sterven? ACCEPTATIE. Van de situatie? Van het naderende einde? Bewondering voelde ik. Het had tijd nodig gehad en was meer dan de moeite waard.

  • Nee, geen foto’s

    Vorige week was ik in het hospice. Ik kreeg van de verpleegkundige een kamernummer door. Ik kon het daar wel proberen. Een mevrouw, een prachtige mevrouw. Ik stelde me voor en vroeg of ik een portret mocht maken van haar.
    Van mij?
    Waarom zou ik dat willen en waarom zou jij dat willen?

    Kritisch. Bijzonder! Ik ben heel even van slag door deze directheid. Heel fijn.
    Ik leg uit dat ik dat graag doe voor haar, voor de nabestaanden, voor mijn portfolio. Dat ik de momenten waardeer, dat ik met een ouderwetse rolfilm camera fotografeer, dat de mensen die hier liggen dat verdienen, dat ik de tijd neem, rust heb en respectvolle foto’s wil maken. Dat als je aan het einde van het leven bent dit niet wil zeggen dat er geen foto’s meer kunnen worden gemaakt die de eigenheid en de schoonheid van de persoon vastleggen.

    Nou, zegt ze, zit ik helemaal niet op te wachten.
    Ik zei dat ik me dat kon voorstellen. Dat het ook niet hoefde, dat ze ja of nee kan zeggen.

    Ze zegt. Ik heb zoveel foto’s. Ik vind het veel te intiem. Mijn kinderen maken wel foto’s. Kijk maar, en ze laat me foto’s zien op haar telefoon, van haar en haar dochter, van haar en haar kleinkind. Ik heb voldoende foto’s. Ik zit niet te wachten op nog meer (en zeker niet door een vreemde denk ik er achteraan).

    Ze is prachtig opgemaakt, heeft mooi haar en ziet er charmant uit met haar hangoorbellen.
    Volgende keer beter. Ik word altijd zo blij als iemand wel die ruimte heeft en kan me ook goed voorstellen als die er niet is.
    Soms lukt het op een later tijdstip.
    Hier hoef ik niet meer langs te gaan.

  • Ik heb geen seintje gekregen…

    by nynke

    Een man, vaak helemaal alleen in het hospice, prachtige man. Ik vraag hem of ik nog een analoog portret van hem mag maken. Dichterbij deze keer.
    Ja, dat mag mevrouw.
    Ik vraag hem of hij op zijn zij kan liggen, zijn gezicht naar het licht toe. Met wat moeite draait hij zich naar het raam. Mooie handen. Ik vraag of hij ze dichtbij zijn gezicht kan leggen. Dat lukt. Hij kijkt naar buiten. In eigen gedachten. Af en toe in de lens kijkend.

    Na de foto’s blijf ik nog even bij hem. Hij vertelt allerlei dingen. Hij is verdrietig dat de kanker hem zo te pakken heeft gekregen.
    God heeft mij geen seintje gegeven, zegt hij.
    Ik vraag wel eens of ik nog genezen kan.
    Daar geeft Hij geen antwoord op.
    Ik lig hier, ik heb veel pijn.
    Ik leef van moment tot moment, ik krijg morfine, morfine, paracetamol, morfine.
    Veel pijn. Als ik pijn heb kan ik niet zo praten zoals nu.
    Ik krijg ook een kruuk.
    Kruuk?
    Ja, zo’n ding dat warm kan worden gemaakt.
    Een kruik? vraag ik.
    Ja, een kruuk.
    Kijk, zegt hij, en hij knoopt zijn pyjamahemd los.
    Allemaal ribben.
    Hard.
    Allemaal kanker.
    Opeens slaat het verdriet weer toe.
    Mijn jongetje, ik moet mijn jongetje in de steek laten zegt hij, mijn zoon.
    Ik vraag hoe oud zijn zoon is.
    Hij is 40. Hij is groot maar blijft toch mijn jongetje. Er stroomt een traan uit zijn linkeroog en een uit zijn rechteroog.

  • Waarom? Waarom?

    Vorige week
    Een oproep van Make a Memory.
    Of ik met spoed naar het ziekenhuis wil komen want een lieve kleine baby komt elk moment te overlijden.

    Ik kom de kamer binnen. Moeder heeft de baby vast. Verdriet. Waarom hebben ze ons het niet eerder gezegd? Waarom? Waarom?

    Afschuwelijk. De onmacht. Het je moeten schikken naar het lot. Onbegrip omdat er een
    20 weken echo is uitgevoerd. Daar kwam niets uit. Het schijnt een aandoening te zijn van de hersenen die niet op een 20 weken echo te zien is. Een heel mooi grietje. Twee lieve zussen erbij die heel moedig ook op de foto gaan met hun zusje.
    Wat denken zij?
    Wat weten zij over de dood?
    Weg zijn. Er niet meer zijn. Nooit meer terugkomen? Een ster worden? Een vlinder?

    De meiden doen het prachtig in (de) liefde naar/voor hun kleine zus. Wat zullen ze uitgekeken hebben naar hun kleine zusje. En dan opeens,weg vliegt ze. Binnen 12 uur is de situatie dusdanig veranderd dat ze gedwongen zijn afscheid te nemen. Opa’s en oma’s troosten hun (schoon)dochter en (schoon)zoon.

    Als vader de kleine dame op zijn schoot krijgt, breekt ook hij.
    Wat ben ik blij dat ik je heb mogen kennen.
    Wat ben je mooi.
    Ik wil geen afscheid van je nemen.

    In liefde en verdriet, met onmacht en met kracht.
    Heftig.
    Ik slik een paar keer.

  • Afscheid nemen met foto’s

    Donderdag werd ik opgeroepen voor Make a Memory. Of ik naar het ziekenhuis kan komen. Dat kan. Ik kom wat vroeger dan ik heb aangegeven, dat is geen probleem. Een lief klein kindje van iets meer dan een maand oud, met een progressieve stofwisselingsziekte. Een mooi kindje, slapend in zijn bedje. Ik maak wat foto’s met de vaste lens en met de macrolens. In zijn slaap maakt hij bewegingen en lijkt het alsof hij glimlacht. Dat zeg ik ook, de moeder reageert met dat kan nog niet. Dat klopt natuurlijk. Een kindje lacht pas na 5 of 6 weken. Ik ben het alweer vergeten.
    Wat voorzichtig moet je zijn met dit soort opmerkingen. Het ligt allemaal zo gevoelig. Vader ligt op bed met zijn telefoon. Heeft andere dingen aan zijn hoofd. Zit niet te wachten op foto’s. Hoe (groot) is het afscheid te moeten nemen van je kindje. De onvoorspelbaarheid, het verlies, het verdriet dat er aan gaat komen, het afscheid. Net terwijl je zo blij bent vader en moeder te zijn geworden. Ik kan me er (gelukkig) niets bij voorstellen. Hoe gedraag je je dan? Is daar een vast patroon voor? Nee. Ik heb nog geen enkele keer hetzelfde meegemaakt terwijl ik al heel wat heb gezien / gefotografeerd. Elke keer op geheel eigen wijze heftig en intiem, dichtbij en op een afstand, machteloosheid en acceptatie. Bijzonder!

  • Twee prinsessen

    Zaterdagnacht, 01.28, telefoon, ze heeft weeën. Ik kleed me aan en rijd naar Zeist. Zwanger van een tweeling en in bad bevallen, het liefst thuis is de wens. Daar aangekomen lijkt het rap te gaan.
    Om risico’s te vermijden toch naar het ziekenhuis. Ze stappen samen bij mij in de auto. Bij het ziekenhuis aangekomen nemen de weeën af. De omgeving is weinig inspirerend. Bad wordt opgezet in de ziekenhuiskamer en vult zich langzaam. Als er voldoende water inzit stapt ze erin. Ze heeft geen last van haar omgeving, alleen is het niet de gewenste omgeving. De jonge gynaecoloog is goed op de hoogte van de wensen van de ouders. Zorgvuldig geïnstrueerd door de holistisch verloskundige. Een natuurlijke bevalling. De gynaecoloog geeft duidelijk aan dat ze zal zeggen wanneer haar eigen grenzen worden bereikt mocht het zover komen. Alles wordt aangehoord. Afspraken zijn duidelijk. Toch even een echo en luisteren naar de hartjes van de baby’s. Weeën worden rustig opgevangen. De tijd tikt voorbij en opeens is het 07.30. De weeën zijn nog niet heel krachtig en anders dan bij hun eerste kindje. Verwarrend omdat het veel subtieler is geeft ze aan. Liggen in bed, liggen in bad, staan in bad, wat een topsport is het toch om te bevallen en helemaal van een tweeling. De weeën worden langzaam aan heftiger. Ze komen met flinke tussenposen. Dan besluit haar man ook in bad te gaan zitten. Hij moedigt haar aan en het lijkt te versnellen. Vals alarm. Hij stopt weer uit bad. Zij gaat even op bed om de hartjes van de twee te luisteren. Allebei goed. Weer in bad en dan gaat het snel. Haar man stapt erbij en helpt haar. De eerste komt er met een harde pers uit, nog aan de navelstreng trekt ze haar eerste meisje op haar buik. Bewondering, liefde, opluchting, trots. Ik vind het bijzonder, een kleine dame, echt prachtig, door de tranen heen maak ik foto’s. Ze gaat even op bed met de kleine op haar buik. De andere dame in haar buik doet het nog steeds prima. Ze stappen weer in bad en besluiten toch om de eerste dame los te koppelen. Bij vader in de armen. Dan komen de weeën weer op gang en het gaat vliegensvlug. Hun tweede dochter komt er in het vlies uit. Ik weet niet waar ik kijken moet, wat mooi!!! Het vlies is stug en moet worden opengeknipt. Ze is een beetje bleek en ook zij wordt losgekoppeld. Moeder moet uit bad en terwijl ze eruit stapt stroomt het bloed eruit. De placenta’s hebben ook in een keer losgelaten en liggen al in het water. Er wordt een protocol in werking gesteld. Opeens staan er zeven verpleegkundigen in de kamer, wat een invasie, moeder dwaalt / haakt een soort van af. Ze blijft goed in staat om aan te geven wat ze wel en niet wil. Een infuus, een bloeddrukband, een meter voor de saturatie en vast nog meer. Allemaal met als doel de eventuele ‘bloeding’ te stoppen. Vader zit in bad met hun twee dochters. Prachtig. In alle rust en warmte, met bewondering en vol trots. Ik maak nog wat foto’s en kijk of ik eventueel ergens kan helpen, loop alleen maar in de weg heb ik het idee. Langzaamaan komt er weer rust. Het bloeden wordt minder. Steeds meer mensen van de kamer. Vader stapt uit bad en moeder heeft de twee dames, in allebei haar armen een, en aan de borst. Wat een groot geluk. Vier handjes, twee geheel eigen koppies.

    Deze prachtige ouders hebben ondanks de niet zelf ‘gekozen’ / gewenste omgeving vastgehouden aan hun eigen wensen om natuurlijk te bevallen. Er was ruimte bij de gynaecoloog en de hele fijne vertrouwde steun en deskundigheid van de verloskundige met vertrouwen in de tijd die het nam en nodig had. De jonge gynaecoloog zei: Deze bevalling zal ik niet snel vergeten.

    Ik ook zeker niet. Ook al zie ik er maar een, dit was een hele bijzondere. Dank jullie wel voor deze mooie ruimte!

  • 87 en 85 jaar…. en bijna 65 jaar getrouwd

    Gisteren bij een stel geweest van deze leeftijd. Geweldig. Ze zwemmen, fietsen, doen aan yoga, wandelen en zitten op een circuit bij de sportschool. Ze zijn zo leuk. Ik ga een voorkant proberen te verzorgen van een proefschrift over Hospicezorg. Een uitdaging. Ik heb al heel wat natuurfoto’s gemaakt en nu mensen. Zij twee. Samen, dicht bij elkaar, hoe? Ik heb het nog niet bekeken. Er ontstond wat, dat was wel van toegevoegde waarde. Anders gewoon terug, ze vinden het leuk dat er iemand in hun geïnteresseerd is. Lief stel vond/vind ik. Ook al dondert het wel eens, zei zij.

  • De longkanker zit in mijn lijf ……..

    …. zoals wanneer je een zakje met verf tegen de muur gooit. Een soort octopus vraag ik. Ja, zegt hij, zo. Een alleenstaande man van Marokkaanse afkomst. Ik mocht een foto van hem maken. Hij vertelde zijn hele verhaal vanaf het moment van de diagnose. Ik word nooit meer beter, zei hij. En hij vertelde het verhaal met beide handen, prachtig hoe die heen en weer gingen en uitdrukking gaven aan zijn verhaal.

  • 11 jaar gewacht…

    Een heel lief klein meisje waarop de ouders 11 jaar hadden gewacht (hun zoon is 10) en waarvan ze nu afscheid moesten nemen. Zo verdrietig. Ik mocht erheen voor Make a Memory. Zoveel liefde. Zoveel tranen. Bij de geboorte (10 weken geleden, na 24 weken) woog ze 730 gram. Nu ongeveer 1700. Toch gaat ze het niet redden. Wat een groot verlies.